Al de Schrift is van God ingegeven

1

2 Timothéüs 3 : 16

Al de schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing die in de rechtvaardigheid is.

Het woord Gods heeft tot doel dat wij er iets van leren. Die Schriften kunnen ons behoud zijn, maar alleen als wij in die Schriften geloven. Door ze te lezen en te onderzoeken kun je niet anders dan tot de conclusie komen dan dat het de waarheid is!

De Bijbel, Gods Woord; de koran, gods woord

Net als de Bijbel zegt ook de koran van zichzelf dat zij het woord van god is (dat wil zeggen van allah). De Bijbel leert dat er buiten God geen god is en dat God één is. Dit is ook één van de hoofdthema’s in de koran. De Bijbel en de koran kennen dezelfde aartsvaders. Dus oppervlakkig bezien lijkt het allemaal wel een beetje op elkaar. Maar… omdat er maar één god is, betekent dit volgens de koran dat God dus ook geen zoon kan hebben; immers, God is één. De consequentie hiervan is dat God helemaal geen Zoon naar de wereld gezonden heeft, Die de schuld vereffend heeft en door Wie wij zalig moeten worden. Jezus is wel op aarde geweest, maar Hij was niet meer dan een profeet; een belangrijke, maar zeker niet de Zoon van God. En dat verhaal over Zijn opstanding is verzonnen natuurlijk, want opstanding uit de doden bestaat niet. …

Lees verder in de PDF

Al de Schrift is van God ingegeven

(Bekeken: 581 keer, 1 x vandaag)
Delen via:

Over de auteur

Barth van Dijk

Barth van Dijk maakt - in eerste instantie voor zichzelf - samenvattingen van N.B.C.-spreekbeurten en bijbelstudiedagen en stelt deze vervolgens beschikbaar voor geïnteresseerden. Zijn samenvattingen (PDF) kunnen gratis gedownload worden. Op dit moment zijn er 47 samenvattingen beschikbaar.

1 reactie

  1. Beste Bart,

    Ten tijde dat 2 Tim. 3:16 geschreven is, waren er wel geschriften die later in het NT opgenomen zijn maar het NT zelf bestond nog niet. Pas op het einde van vierde eeuw, begin vijfde eeuw heeft de katholieke Kerk beslist welke geschriften wel en welke geschriften niet tot het NT behoren, zijnde het Woord van God. De geschriften waar Timotheüs naar verwijst betreffen dus het OT. De geschriften van het NT hebben dus een buiten-Bijbelse bron nodig (in dit geval de katholieke Kerk) om uit te maken welke boeken geïnspireerd zijn. Deze geschriften bevatten zelf geen inhoudsopgave van welk boek nu wel en welk boek niet het Woord van God is. Luther heeft in de zestiende eeuw getracht enige boeken uit het NT te verwijderen omdat de inhoud van deze boeken niet overeen kwam met zijn leer, maar het is hem niet gelukt.
    V.w.b. de Zoon van God, daar is binnen de christelijke Kerk ook een enorme strijd over geweest. De kwestie is gesetteld in A.D. 325 dus tientallen jaren voor dat de katholieke Kerk het NT gecanoniseerd had.

    Nog een interessante link:
    http://www.calledtocommunion.com/2014/06/the-bishops-of-history-and-the-catholic-faith-a-reply-to-brandon-addison/

    Groet

Reageren